1 mei 2013 onderweg naar Fiji, 20*48 S 177*58 E

Dachten we gisteren een zware nacht te hebben, afgelopen nacht was nog heftiger. Met het donker worden wakkerde de wind weer aan en dat ging door tot boven de veertig knopen. Dat is veel wind om op zee over je heen te krijgen en in vlagen was het nog meer, ik heb 46 gezien op de windmeter. De zeehet ziet er mooi uit maar het was kloteweer bouwde zich nog weer hoger op en dat komt ook omdat het hier al dagen lang in een groot gebied van honderden mijlen, hard waait. Golven zo groot als een rijtje huizen rolt af en aan, vanmorgen scheen de zon weer eens en het is een indrukwekkend gezicht. De gribfiles van de afgelopen dagen, lieten de meeste keren zien dat we er mooi langs zouden kunnen varen, met dan als hoogste wind een goede 25 kn, gedurende een half etmaal. Toch is het veel verder naar het westen doorgegroeid en dat het moeilijk voorspellen is, blijkt wel uit wat Matt zei, hij had een stuk of vijf weer modellen gezien en geen van allen zag dit aankomen. Zelf had Superted op honderd mijl voor ons maar liefst vijftig knopen wind gehad en ze waren met ‘bare poles’ voor de wind weggelopen, met 7 tot 8 kn snelheid. “Met losse handen”, riep hij erbij. Blijkbaar had zijn stuurautomaat er geen moeite mee. Ze waren dik tevreden over de grote Benetau, maar hij klonk net zoals ik me voelde, erg vermoeid.

Vanochtend luwde de wind zienderogen en ofschoon dat soort grote, hoge oceaan golven dagen nodig hebben om af te zwakken, worden de omstandigheden toch een stuk prettiger. Ik heb de hele nacht in 6m hoge golven, al zou je dat zo niet zeggenmijn zeilkleding gezeten, waardoor ik me vies en plakkerig voel. Met een washandje lap ik mezelf af, en dat kikkert een eind op, net alsof ik maar één nacht heb doorgehaald in plaats van twee, zoiets. In de heftigheid van afgelopen nacht ben ik een hengel kwijtgeraakt. Tijdens de drie rustige dagen van de eerste helft van deze trip had ik er wat mee gevist en ze gewoon in hun steunen laten staan. Ze staan altijd met een musketonhaakje aan een lijn vastgeklikt en vastgebonden aan de reling. Op die plek komen er nooit lijnen langs, het is voor de zekerheid en dat ze niet door vis overboord worden getrokken. Beide stonden ze aldus keurig aangelijnd in hun steun en toch is de lijhengel verdwenen vanmorgen. Ik weet zeker dat hij vastzat en Monique weet het ook zeker. Er zullen vreemde capriolen zijn gebeurd op het moment van losraken. Het spijt me zeer, er zat een net nieuwe dure Okuma reel op. Die linkshandige, waar ik zo blij mee was. Ik had ‘m betaald met visa, dus misschien is het gedekt. Zegt trouwens ook wel iets over de omstandigheden die nacht, ze zitten ongeveer twee meter boven de zee in hun steun!

Het zeewater is overigens ook al lekker warm en ik kan het weten. Vandaag heb ik in plaats van zeilkleding aan te doen als ik met de zeilen of de boom bezig ging op het dek, juist alles uitgetrokken. Dat geeft veel minder gedoe. Regelmatig kreeg ik flinke hoeveelheden water over me heen. Afdrogen en weer dezelfde droge short en shirt aantrekken is makkelijker dan het gedoe met een nat zeilpak. Al de hele middag en avond is de kuip nagenoeg droog gebleven, ik denk dat ik Monique vannacht maar eens op wacht zet. Ze ligt nu al twee dagen non-stop op bed en dat betekent dat ik mijn slaap op een plat gelegd kuipkussen moet zien te pakken. In natte zeilkleding had ik daar nogal wat moeite mee.

De zee is nog steeds hartstikke onstuimig en ik schrik me zojuist een hoedje. Uiteraard steek ik twee à drie keer per uur mijn hoofd naar boven in de kuip om de instrumenten te checken en om te kijken of er geen andere schepen varen. In één keer zie ik over mijn schouder een groot licht. De schrik duurt maar kort, het is de maan. Die heeft me al vaker op die manier aan het schrikken gemaakt. Hij is net opgekomen en ik ben niet al te fris in zo’n nachtwacht en dan bedoel ik niet qua geur, waar trouwens ook wel wat op aan te merken was. We hebben wel ons eerste schip gezien, net na het eten. Het was al donker en de indicator van de SeaMe lichtte rood op. Dat betekent dat hij aangestraald word door een radar. Het apparaatje weerkaatst de radarstraal met een kracht alsof Victory een containerschip is. Zo kunnen ze me niet missen, op zo’n brug. Op negen mijl afstand worden ze ons signaal al gewaar op hun radar en regelmatig zal er daar iemand vertwijfeld met zijn verrekijker op zoek gaan, want normaliter zijn onze lichten pas op ongeveer drie à vier mijl zichtbaar. Hij zoekt een tanker en ziet niks. Zullen ze op zo’n brug ook wel wakker van worden denk ik. Het is een goed en simpel apparaat en het zorgt ervoor dat we geen krassen maken op die tankers en containerschepen, want zo moet je het ongeveer zien.

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.