31 mei 2015 Tanjung, Bunguran, Natuna Islands, Indonesië

We ankerden gisteren in een doorkijkspiegel en zo is het ook als we vanmorgen opstaan en het anker ophalen. De gribfiles gaven het al aan, geen wind vandaag. We motorren achter Sirius aan die het eerste los was vanmorgen. Ik sta hoog op de laatste 15 nm op de motorsb boeg door het spiegelgladde wateroppervlak te kijken naar wat eronder allemaal is, op een meter of acht. Ik zag een paar schildpadden, maar ook een groepje grote bumphead parrotfish. Dan zie ik dat de bodem omhoog komt en dat is door het heldere water behoorlijk beangstigend vind ik zelf altijd. Moeilijk te schatten of iets nu één of drie meter onder de boot is. Wat je wel zeker weet is dat het koraal altijd keihard is. Dan zie ik de eerste heel ondiepe bommie en ik roep gealarmeerd naar Monique dat ze moet stoppen en achteruit moet gaan.  We maken een hoek haaks op de kust om naar het diepe te komen. De kaarten blijken hier niet te kloppen. Sirius voor ons had het ook in de gaten en roept de vertrekkende boten achter ons op om niet achter ons aan te komen, maar eerst naar het diepe te varen.

De hele zee is spiegelglad en als we om de noordpunt van het eiland varen is het aan de oostkant niet anders. Op de motor varen we de vijftien mijl naar Tanjung. Keurig in een rij van zes catamarans. We zien veel kleine tuna’s jagen en we zienNatuna blues ook veel vissers op die tuna’s vissen. Ik sleep twee eigenbouw poppers achter de boot die bij de vijf knopen die we varen een goeie bruis veroorzaken maar er is kennelijk niets in de buurt wat er trek in heeft. Mike heeft net zomin succes vandaag. Hij was eigenaar van een ‘big game boot’ en heeft zo zijn pensioen bij elkaar gevist. Die weet het een en ander van dit soort vissen. In de verte zien we de rest van de vloot langs het eiland liggen en we sturen eropaan. Volgens de kaart zou ik dan over een drie en vier meter gebied moeten komen en daarna tot het koraal kunnen varen. Het is allemaal behoorlijk anders. Waar het 10 meter diepte zegt op de kaart, hebben we er 21. Dan is er een lichte plek en daar is een grote koraalberg, tot één meter diepte of zo, wat dan weer afgewisseld wordt met meer dan tien meter diepte.

Zo slalommen we om de bommies en koraalbergen heen, tot we bij de rest van de vloot zijn. Als ik later op de kaart kijk zie Natuna beachik dat er ook een diepwaterroute naar dezelfde ankerplaats is, maar dat was een eindje om voor waar wij vandaan kwamen. Met de kijker zie ik dat de andere boten geen dinghy’s meer aan of bij de boot hebben. Op het strand vind ik ze terug, liggend op een rijtje. We zijn amper op de hoogte van het programma wat er hier is, maar ik zie veel volk op en langs het strand, dus vermoed ik dat de bemanningen daar de lunch gebruiken. Snel regelen we een paar dingen in de boot en stappen dan in de dinghy, op weg naar het strand. Een heel stel mannen loopt daar al het water in en komt ons helpen met het op het strand trekken van de dinghy. Binnen een paar tellen ligt de bijboot boven de vloedlijn.

We worden uitgenodigd om ergens aan een tafeltje te gaan zitten en maken kennis met een hele serie mensen. Iedereen vindt het prachtig om even hallo te zeggen en als het even kan willen ze graag op de foto met ons, of van hun kinderen metfotootje terug van een kleine rockster ons. We zijn echt een bezienswaardigheid. De volgende crew die aan komt varen zijn Greg, Wendy en Jacob. Het vergaat hen al net zo, de dinghy ligt snel hoog en droog en dan graag een stuk of veertig foto’s met Jan en alleman en diens kinderen. We laten het ons een beetje aanleunen. De mensen zijn zo vriendelijk en vragen, verlegen lachend, of we nog eens willen poseren met hun zoontje of dochter. Alle zeilers ondervinden dezelfde gang van zaken. Het blijkt dat we de eerste (blanke) zeilers ooit zijn, die hier aan komen varen. De mensen van de boten die hier al eerder waren hebben vanochtend een welkomstceremonie gekregen en zijn nu met een bus ergens rond aan het kijken, blijkbaar naar een enorme moskee. De derde grootste van Indonesië horen we.

Voor we het weten hebben we drinkkokosnoten voor ons staan en kopie suzu (koffie met suiker) voor Greg en Jacob. We drink-kokosnoot bij aankomstpraten wat met elkaar en met de locals. Dit strand is een soort van uitgaansgebied van dit gedeelte van het eiland en er zijn een hele rij met voedsel stalletjes, die allemaal hun eigen terrein hebben, met banken en tafels. Alles, van de tafels tot het voedsel is super basic. De hartelijkheid van de mensen is allesbehalve basic. We hebben nog nooit eerder zulke vriendelijke mensen getroffen. Twee van onze tafelgenoten rijden ons met zijn zevenen naar de stad waar de rest van de zeilers ergens moeten zijn. Een afstand van een kilometer of tien. Bij de markt worden we afgezet en dat was precies de volgende stop van de zeilers in de bussen. Na aanschaf van de nodige groente en fruit rijden we met hen weer mee terug.

Als we weer bij het strandgedeelte komen waar de boten liggen, lijkt het halve eiland uitgelopen om ons zeilers en onzeheerlijk rondkijken boten te komen bekijken. Het zal overdreven klinken, maar overal waar we rijden met de bus blijven mensen staan om naar ons te zwaaien en bij ‘ons’ strand heeft de politie (de bussen reden ook met politie escorte, die de kruisingen voor ons vrijhielden van het verkeer dat er hoegenaamd niet is) met vier man de handen vol om de drukte te regelen. De weg is één lange karavaan van opeens zijn we daar met zijn allenbrommers en auto’s die allemaal met eigen ogen willen zien wat er allemaal gaande is. Om vier uur staat er een tripje naar een zwembad met waterval op het programma. Eerst gaan we kort terug naar de boot en als wij en de anderen terugkomen naar het strand, staat het daar zwart van de mensen. Gek genoeg wordt er bijna niet gezwommen, hooguit een stuk of twintig kinderen spelen in het water en dat is op een paar duizend man natuurlijk weinig. Opnieuw wordt iedereen met zijn bijboot geholpen, ik moet haast rennen om het bij te benen.

We nemen later inderdaad een duik in de pool, maar het beeld van een waterval in een meer is een beetje overdreven.wat een welkom Maakt niet uit. We eten aan het strand bij één van de tentjes, met Jef, Marin, Janina en Dean. Elke activiteit en elke zeiler is omgeven met nieuwsgierig lachende gezichten, we zijn dé happening van het jaar hier. Als het goed is begint er zo meteen een band muziek te maken op het strand, want dit alles is een feest voor het hele eiland. We weten nog even niet of we daar ook nog naartoe willen. Het is een beetje vermoeiend om zo lang Maxima en Willem te spelen. Want zo voelt het.

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.