2 oktober ’09 Gran Tarajal (Fuerteventura)

Het is vannacht allemaal meegevallen. Natuurlijk moesten we even wennen aan het idee, samen uitwe lagen min of meer op open zee voor anker. Weliswaar in de luwte van Isla de Lobos, maar  met donderende brandinggolven op de achtergrond. Tijdens ons ontbijt worden de eerste strandtoeristen gebracht per glasbottomboat. Het is namelijk een onbewoond eiland en de strandgangers worden er dagelijks gebracht en weer opgehaald. Ook hier is weer geen groen sprietje te vinden. Alles is grijs of roodbruin. Van dat brossige soort lavasteen. Destijds gebruikte ik het in mijn aquarium. Kocht ik het per kilo. Hier kun je het halen per berg.

Omdat er al een mooi windje staat gaan we toch gelijk maar zeilen. Ik wilde graag nog wat vissen met de speargun, maar het volk op de pier en de goede wind doen me van mening veranderen. Nadat het anker weer is opgehaald vaart Monique naar het zuid westen. Op die koers kunnen we de gennaker weer hijsen, en zo gezegd, zo gedaan. Bij aanvang om half tien gaat het nog met een gangetje van 5 knopen, later worden dat er ruim 6. Met deze mooie wind en dito snelheid verleggen we ons doel naar een 20 mijl westelijker haven.

We varen vandaag langs Fuerteventura en er wordt behoorlijk gevist. Regelmatig passeren we visboten en bootjes. Dat stimuleert en ik probeer weer verschillende kunstaasjes. Helaas maakt het niet uit wat ik allemaal te water laat, er komt geen beet. Volgens de kaartjes zouden we op dit traject niet in een acceleratiezone komen. Dat zijn plaatsen waar de heersende noordenwind van het ene op het andere moment, dus zeer lokaal, tussen de 2 en de 7 (!) Bft sterker waait. Daar moet je dus niet argeloos onder gennaker in verzeilen, want dan loop je goede kans op schade.

Vandaag waait echter niet de gebruikelijke noorden wind, maar een bijna oostelijke. Die kan net zo goed een windversnelling langs de bergen van het eiland opleveren, dus we zijn er verdacht op. En we krijgen ‘m ook. Daar waar de wind niet zijn richting kan vervolgen door de hoge bergen wijkt hij af, en zodra ze weer vrij spel heeft poeiert het er in een bepaalde strook op los. We ervaren dat het langzaam oploopt qua sterkte, naarmate we een uitstekende berg/ kaap naderen. Tegen de tijd dat we met bijna 8,5 knoop met alleen de gennaker door het water ploegen vind ik dat we er maar eens wat aan moeten doen. We rollen de genua uit met de bedoeling achter dat zeil de shoot over de gennaker te trekken. Zo hangt de gennaker (120 m2) gedeeltelijk achter de genua waardoor eea redelijk makkelijk lukt.

Met de gennaker bijna helemaal onderdeks, komt in een keer de genua naar beneden donderen. We varen dan nog een knoop of 7 en de genua valt naast de boot in het water. Gelijk vaart de Victory er overheen en met moeite trek ik zo goed mogelijk aan het zware stugge zeil, omdat het langs het anker op de boeg gevaarlijk onder spanning wordt getrokken. Mijn angst is dat het met zoveel geweld langs de harde randen van het anker wordt stukgetrokken.  Gelukkig gaat zonder zeil de meeste vaart snel uit de boot en Monique komt helpen om het zeil uit het water op het voordek te trekken. Het zal niet gauw meer aangroeien want hij komt uiteindelijk aan dek met de nodige antifouling van de onderkant van de boot erop.

Om die grote lap weer van het dek te krijgen hijsen we hem simpelweg weer omhoog, maar dan met de spinnakerval. Weer is namelijk het val gebroken. Waarschijnlijk heeft bovenin de gennaker ervoor gezorgd dat de genuaval mee is gaan draaien om het voorstag toen we de genua uitrolden. Dat doen we dus hydraulisch en dan merk je het niet altijd als er iets niet goed gaat. Er gaat in zo’n geval gewoon iets kapot. Een kapotte val is dan nog niet het kwaadste van wat er zou kunnen gebeuren.

De haven waar we indraaien heeft een ander aanzien dan verwacht. Volgens de Imray zouden we er kunnen ankeren in de kom, maar nu liggen er allemaal steigers. Grotendeels onbezette steigers en nagelnieuw. Een Noor wijst ons naar een steiger en zegt als we er met zijn hulp zijn aangemeerd dat die andere steiger nog zoveel door de meeuwen wordt gebruikt dat deze vol ligt met meeuwenpoep. Hij had ons gelijk herkend vanuit Ares, in noord west Spanje. Daar werden wij en de Zilvermeeuw, bezocht door die dolfijn. Hij wist dat nog goed, zijn boot werd overgeslagen. Maar here we meet again. Met een soort security beambte vullen we samen zijn formulier in. Op de vraag waar of bij wie we moeten betalen en hoeveel, kijkt hij wat moeilijk. Degene die dat hoort te doen is op vakantie en het is allemaal wat lastig om te regelen, dus hoeft het gewoon niet. Dat hadden we nog nooit. We liggen eindelijk weer eens aan een (gewoonlijk dure) steiger, met stroom en water en dan gratis. We gaan het uitgespaarde geld gelijk verbrassen op de wal.

Tags: , , ,

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.