1 september 2013 Anatom, Vanuatu

Het is nog donker als ik wakker word, even naar de wc dan maar. Het waait nog steeds flink, dus de boot schommelt en de tuigage produceert geluiden. Vandaar dat ik ercudlefish/ zeekat wakker van werd. De dagtemperatuur is iets van 22 graden en dat is een stukje minder dan we in Fiji gewend waren. We moeten er aan wennen, maar het maakt dat ik nu lekker nog even onder een laken en een dun fleece dekentje kan kruipen, tegen mijn warme vrouw aan. Voor het laatst lagen we onder een laken (en dekens!) in Nieuw Zeeland, maar dat is toch wel heel genoeglijk zo. Om acht uur staan we op en vanwege het tijdsverschil met Fiji heb ik nog steeds het gevoel dat we extra konden uitslapen.

Tegen negenen heb ik de dinghy weer strak opgeblazen en mijn duikspullen erin gelegd. Extra gewichten in mijn BCD gedaan omdat ik mijn dikkere, lange neopreen pak aan ga van kleur verschotendoen. Het is niet alleen buiten minder warm, het water is hier 22 graden. Bij Chapter Two haal ik Karen op en dan varen we naar de grote KWA . Dat is een omgebouwde vistrawler, van Raoul, die hier een duikoperatie gaat beginnen. Karen heeft geregeld dat hij vandaag onze divemaster is en Evergreen en Blue Rodeo gaan ook mee. Omdat we met de hele club met onze eigen duikspullen en dinghy’s gaan, betalen we slechts 5000 Vatu voor de diensten van Raoul, omgerekend hebben we dus een duik met divemaster voor ongeveer € 5,- pp. Veel goedkoper kun je het niet verzinnen.

Er zijn riffen tussen Mistery Island en Anatom en normaliter staat daar een bult stroming. Raoul weet waar en wanneer we daar kunnen duiken en samen laten we onsultieme vermommer het diepe inzakken. In het begin wijst onze duikmeester ons op dingen die we al tig keer zagen, hij is kennelijk vers ingevlogen klanten gewend. Gemiddeld hebben we zo’n honderd duiken de man gemaakt de laatste paar jaar en met grote regelmaat. We zijn wat gewend kun je zeggen en Raoul heeft dat al snel door. Het is er mooi en we zien nieuwe dingen zoals een prachtige groen oranje naaktslak, maar ook een zeekat, oftewel een cuddlefish, die zich met kleur en vorm tot de ultieme vermommers mag rekenen. Hij blijft op zijn plek hangen terwijl wij stuk voor stuk oftewel zeekatlangskomen om foto’s te maken en het beest te bewonderen. Over zijn lichaam heeft hij niet alleen de kleuren van de koraalrotsen om hem heen, ook de uitsteeksels. Heel fraai en nabije familie van hetzelfde beest dat in Zeeland veelvuldig te bewonderen is. De enorme rode koraaltakken zijn ook bijzonder; ik kan me goed herinneren dat mijn moeder er sieraden van kreeg en hier zien we genoeg van om kilo’s van zulke kettingen en broches van te maken, ware het niet dat dat gelukkig niet meer mag.

Omdat we niet dieper dan een meter of zestien gaan, houden we het bijna een uur uit onder water (met de beschikbare lucht in onze duikflessen: hoe dieper je duikt hoe meereen fortuin aan red coral samengeperste lucht je verbruikt) en iedereen van ons groepje is enthousiast over wat we gezien hebben. Het is allemaal vlakbij onze boot en even later zijn we alweer terug. De zon schijnt en die warmte kan ik goed gebruiken als ik in de kuip uit de wind probeer op te drogen. We vonden het behalve mooi, ook koud. Met mijn dikke pak ging het wel, maar een uur was ook wel bloeiend red coralgenoeg. Ik bedenk dat ik nog een, nooit door mij gedragen, pak heb liggen, omdat het me te klein is. Dat is een lang pak van zeven mm dik en zat bij mijn duikspullen die ik in één koop via Marktplaats op de kop tikte. Ik vraag aan Mike of hij er in geïnteresseerd is, nu het water kouder is. Hij zegt van wel , dus zoek ik het op. Er blijkt nog een 7mm dikke shortie in de zak te zitten ook, met een capuchon. Zonder pijpen en mouwen past het me redelijk goed, dus ga ik die gebruiken hier, veel fijner dan een lang pak. Mike neemt het duikpak over van me. Wij allebei blij.

Monique heeft intussen de boot een grote beurt gegeven en draait vijf kleine wasjes. Tja,nudibranch we gebruiken ook meer kleren hier. Ondanks de harde wind gisteren en vandaag doe ik toch mijn best om de gennaker zoveel mogelijk te drogen en al doende heb ik er toch een scheur(tje) in ontdekt. Het loopt vlak langs een overnaadse zigzagsteek en in eerste instantie wilde ik die naad gewoon wat innemen. Bij nader inzien tape ik de scheur simpelweg aan beide zijden vast met duct tape. De echte reparatie laten we dan liever doen door een het enge boszeilmaker die dat materiaal ook heeft, om een goed inzet te maken. Het gebroken val heb ik omgedraaid en weer aan elkaar gemaakt. De kernen kon ik makkelijk weer in elkaar vlechten en stevig met elkaar verbinden, voor de mantels ben ik eergisteren een hele tijd aan het naaien geweest om de 18 draden die elk uit vier dunnere draden bestaan, keurig netjes door de buitenmantel van de andere kant heen te naaien. Vanaf een meter of twee zie je er niets van, als je het nietanemoon of glasvezelkabeltjes? weet zie het überhaupt niet. Ik was er tevreden over en het is met gemak sterk genoeg om er de gennaker weer mee te hijsen. Door het val om te keren komt de zwakkere plek zonder spanning beneden op het dek te liggen. Die val had ik net in NZ vernieuwd, dus zou een beetje sneu zijn als ik hem nu al af kon schrijven. Nu moet ik alleen de volgende keer dat we dat zeil aan die kant van de boot gebruiken, nog de plek zien te vinden waar het is doorgeschavield, voordat het een tweede keer gebeurt.

Leave a Reply

You must be logged in to post a comment.